Begin jaren ’80 ontstond het fenomeen van de vrije zenders in Vlaanderen. In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, was het niet Radio Apollo die als eerste lokale radiozender in Wetteren actief was. Kort daarvoor was er namelijk Radio & Co, met als thuisbasis een kamertje boven café Den Breugel — voor de jongeren onder ons: dat is de huidige Barak op de markt.
De zaak werd toen uitgebaat door de broers Filip en Johan De Groote, die ons een ruimte op de bovenverdieping ter beschikking stelden om om te bouwen tot een heuse studio. Hoe ik er precies ben ingerold, weet ik niet meer, maar voor ik het wist, maakte ik deel uit van het team. We hadden een soort Studio Brussel-concept voor ogen, zoals dat in die tijd populair was.
Wie ik me nog herinner van onze DJ-ploeg? Dirk De Winter, Katia Van der Elst en haar broer, Alain Baelman (zonder twijfel onze beste DJ én grootste rebel), wijlen Chris Donners en Peter De Ridder (waar zou die nu wonen?). We waren ongetwijfeld met meer, maar mijn geheugen laat me wat in de steek.
Onze inkomsten haalden we uit stickerverkoop en fuiven. Ik herinner me nog levendig onze eerste gezamenlijke aankoop: de single “Land Down Under” van Men at Work. Daar is uren over vergaderd!
Toch was Radio & Co geen lang leven beschoren. De concurrentie kwam eraan, met name in de vorm van Radio Apollo — een zender met een mysterieuze geldschieter en een breder, commerciëler profiel. De Vlaamse hits van Apollo bleken populairder dan onze alternatieve muziekkeuze.
Na enkele maanden reikte Apollo ons de hand. Ze boden ons een plaats aan in hun zendschema. Sommigen, waaronder ikzelf, gingen op het aanbod in. Anderen kozen ervoor om Radio & Co vaarwel te zeggen. Dankzij onze inbreng werd Radio Apollo uiteindelijk een muzikale mix met voor elk wat wils.
En hoe het daarna verderging met Apollo? …
(Black John)

